Stap 1: Begin bij uzelf en zoek op internet.

1.0 Inleiding

De eerste stappen op het gebied van stamboomonderzoek beginnen bij jezelf en jouw familie. Begin met het inventariseren van de informatie die je al hebt en verzamel de informatie die je gemakkelijk kunt verkrijgen. We zullen achtereenvolgens kijken naar:

1.1 De schoenendoos met bidprentjes, trouwkaarten, familiefoto's,
1.2 Jouw eigen geheugen,
1.3 Familieleden,
1.4 Internet,
1.5 Bibliotheek en archief.

1.1 De schoenendoos

Ga eerst na wat je al hebt. Familieberichten, bidprentjes, rouwkaarten, diploma's en cijferlijsten, paspoorten, rijbewijzen, trouwboekjes, doopbewijzen en andere officiële papieren etc. Overlijdensberichten zijn b.v. heel interessant omdat er vaak de familiestructuur op staat: kinderen, kleinkinderen, broers en zusters, enz... Dat alles vormt vaak al een aardige basis voor de gezochte gegevens. 
Zoek ook naar foto's van personen en groepen (fotoalbums, klassefoto's, b.v. via www.schoolbank.nl). Noteer zo veel mogelijk welke personen op de foto's staan.
Kijk ook naar voorwerpen die wellicht kenmerkend zijn voor familieleden, met name die gerelateerd zijn aan beroep of woonplaats.

1.2 Jouw eigen geheugen.
Ga verder met het noteren van de levensfeiten van jezelf, je partner, je ouders en schoonouders, je kinderen en kleinkinderen. De al eerder verzamelde documenten kunnen je inspireren. 
Probeer alle informatie zoveel mogelijk met documenten (of foto's of kopieën ervan) te onderbouwen.

1.3 De Familie
Een van de meest gehoorde verzuchtingen van genealogen is: "Had ik dat familielid maar eerder ondervraagd. Nu is het te laat."
Ga praten met familieleden en noteer naast de feitelijke gegevens ook de anekdotes, de familieverhalen. Daarmee komen de personen waarvan we de gegevens verzamelen wat meer tot leven. Bovendien vormen ze later mooi illustratiemateriaal. Probeer wel de gekregen gegevens te toetsen. Familieverhalen zijn niet altijd waar, omdat ze in de loop der tijd steeds mooier gemaakt zijn en de vraagtekens, die eerbij gezet waren, verdwenen zijn. Maar ze geven vaak wel een mooi startpunt om iets nader te onderzoeken.
En ook hier geldt: Leg de bron vast. Met name kunnen familieleden jou wellicht ook vertellen wie er op familiefoto's staan.
Laat iedereen in je omgeving weten, dat je je met familieonderzoek wilt gaan bezig houden en vraag hen om medewerking bij het verzamelen of kopiëren van bronmateriaal. Zo voorkom je dat nabestaanden mogelijk leuk oud materiaal weggooien, omdat ze de personen op de foto niet kennen of het belang er niet van inzien.
Als je al wat bruikbare gegevens hebt helpt het vaak om die te laten zien. Enerzijds vestig je de aandacht op jouw behoefte aan informatie en gegevens, anderzijds breng je je familieleden ook op een spoor, waarmee ze je soms verder kunnen helpen.

1.4 Internet
Op internet is al veel informatie beschikbaar. Maak daarbij wel een onderscheid naar de gegevens die door of namens archieven geplaatst zijn en de gegevens die door andere onderzoekers geplaatst zijn. 
De eerste soort kan wel typefouten e.d. bevatten, maar is over het algemeen betrouwbaar. De gegevens van anderen zijn geplaatst naar aanleiding van hun eigen zoekwerk. Daarbij zijn wellicht conclusies getrokken uit onvolledige informatie of zijn bepaalde feiten verkeerd geïnterpreteerd.
Leg de gegevens vast, evenals de (oorspronkelijke) informatiebronnen.

Het zoeken op internet gaat het beste via Google met:
- Altijd meerdere zoekwoorden gebruiken,
- Google maakt geen verschil tussen gewone letters en hoofdletters en zoekt zonder cijfers, leestekens, voorzetsels.
Wil je daar toch op zoeken gebruik dan een + teken, b.v. +007.
- Gebruik een - teken om woorden uit te sluiten van het zoekresultaat. B.v. de opdracht: hassel -hasselt geeft wel hassel, hasselaar etc, maar sluit hasselt uit.

1.5 Bibliotheek en archief.
Kijk in de bibliotheek eens naar de boeken over de eigen regio of de regio waar de door jou inmiddels gevonden personen hebben gewoond. Misschien vindt je aanknopingspunten of wordt jouw interesse gestimuleerd om verder onderzoek te doen.
En hoewel we pas later gestructureerd onderzoek in het archief gaan doen, kunnen we wel eens daar gaan kijken. Begin b.v. in bibliotheek van het archief te snuffelen.
Kijk daar ook b.v. eens in het Genealogisch Repertorium van E. van Beresteyn. Dat omvat meer dan 200.000 verwijzingen naar elk boek of artikel, uit de periode tot en met 1970, waarin drie of meer generaties van een bepaalde familie worden genoemd.
Daarna zijn er supplementen verschenen, lopende tot 2000.

tip Wees kritisch op de gegevens die u op internet (maar ook elders) vindt. Genealogie is mensenwerk. Er worden fouten gemaakt bij het kopiëren (b.v. in actes), maar wellicht ook heeft iemand een conclusie getrokken op basis van onvoldoende of verkeerde informatie, en die conclusie is dus voor jou niet betrouwbaar genoeg. Controleer zo veel mogelijk aan de hand van de originele archiefbronnen.
tipOm te voorkomen dat je later zelf verkeerde conclusies trekt moet je zelf steeds de herkomst van jouw gegevens vast leggen. Begin daar direct mee.